Würth levert ruim 1.000 chemieproducten in een grote variëteit en vindt het daarom belangrijk om u te informeren over veranderende wetgeving omtrent deze productgroep.

CLP- Verordening (regeling nr. 1272/2008.)

De Verenigde Naties hebben onder de CLP-Verordening besloten om een wereldwijd systeem te maken voor het classificeren en etiketteren van chemieproducten. Dit wordt ook wel GHS genoemd en staat voor Global Harmonised System.

Zo kunnen overal ter wereld op een zelfde wijze risico’s van het gebruik en opslag van chemie geïdentificeerd worden.

chemie2

Wat verandert er:

Deze nieuwe richtlijn betekent dat de informatie op de veiligheidsbladen en productlabels gaat wijzigen. Er komen andere criteria voor de indeling van stoffen en mengsels. Hierdoor is het mogelijk dat een stof of mengsel in een andere gevarenklasse komt. Onder de bestaande wetgeving (Stoffen- en Preparatenrichtlijn) zijn er vijftien gevarenklassen. Deze zijn vervangen door negen gevarenklassen met subcategorieën.

Zo heeft de gevarenklasse ‘ontvlambare vloeistoffen’ een onderverdeling in drie gevarencategorieën: categorie 1, categorie 2 en categorie 3. Stoffen of mengsels die voldoen aan de criteria van één of meer gevarenklassen worden als gevaarlijk beschouwd. Naast andere criteria komen er ook negen nieuwe pictogrammen in plaats van de huidige zeven. Ook de R- en S-zinnen worden vervangen door P-, H- en EUH-zinnen.

Nieuw is het gebruik van signaalwoorden ‘gevaar’ en ‘waarschuwing’ op het etiket van een gevaarlijke stof of mengsel. Dit alles leidt tot nieuwe informatie op het etiket van gevaarlijke stoffen en mengsels.

Door de gewijzigde indeling kunnen ook andere eisen gelden voor de verpakking van gevaarlijke stoffen en mengsels. Een andere indeling van stoffen en mengsels kan ook gevolgen hebben voor de opslag van stoffen en mengsels. EU-GHS leidt op termijn ook tot wijzigingen in nationale wetgeving met bepalingen over bijvoorbeeld de Stoffenrichtlijn.

Hierdoor is in de toekomst aanpassing van de werkpleketikettering noodzakelijk. Als klant zult u gaan merken dat de etiketten van chemie gaan veranderen.

Signaalwoorden

EU-GHS introduceert het signaalwoord 'gevaar' (danger) en 'waarschuwing' (warning). De signaalwoorden worden afzonderlijk van elkaar gebruikt. Als het signaalwoord ‘gevaar' op het etiket staat, wordt het signaalwoord ‘waarschuwing' niet vermeld.

Gevarenaanduiding en veiligheidsaanbevelingen

De R(isk)- en S(afety)-zinnen van de Stoffenrichtlijn vervallen per 1 juni 2015. EU-GHS gebruikt H(azard)- en P(recautionnary)-zinnen (gevarenaanduiding en voorzorgsmaatregelen). Deze zinnen zijn opgenomen in respectievelijk bijlage III en bijlage IV van de verordening.

Voorbeelden gevarenaanduiding:

• H271: Kan brand of ontploffingen veroorzaken; sterk oxiderend.

• H318: Veroorzaakt ernstig oogletsel.

• H410: Zeer giftig voor in het water levende organismen, met langdurige gevolgen.

Voorbeelden veiligheidsaanbevelingen:

• P102: Buiten bereik van kinderen houden.

• P211: Niet in open vuur of op andere ontstekingsbronnen spuiten.

• P336: Bevroren lichaamsdelen met lauw water ontdooien. Niet wrijven.

De verordening bevat ook criteria voor gevaarseigenschappen (bijvoorbeeld voor bepaalde fysisch- of milieugevaren) die momenteel niet in VN-GHS zijn opgenomen en waarvoor aanvullende gevarenaanduidingen nodig zijn. Daarom is de tekst van enkele R-zinnen uit de Stoffenrichtlijn en enkele 'preparatenzinnen' uit de Preparatenrichtlijn in de verordening opgenomen als ‘EUH-aanduidingen'. Bijlage II van de verordening beschrijft wanneer de EUH-zinnen vermeld moeten worden.

Voorbeeld EUH-aanduiding:

• EUH014: Reageert heftig met water.

• EUH066: Herhaalde blootstelling kan een droge of een gebarsten huid veroorzaken.

• EUH071: Bijtend voor de luchtwegen.

Gevaarspictogram(men)

EU-GHS introduceert nieuwe pictogrammen. Aangezien de indelingssystematiek ook is veranderd, is het niet mogelijk een omzetting te geven van het huidige EU pictogram naar het GHS pictogram. Via de indeling van de stof in de EU-GHS systematiek wordt ook het bijbehorende pictogram duidelijk. De gevarenpictogrammen moeten de vorm hebben van een vierkant op zijn punt. Elk gevarenpictogram moet tenminste 1/15 deel van het oppervlak beslaan en een oppervlak hebben van minimaal 1 cm2.

Let op: stoffen en mengsels moeten dus opnieuw worden beoordeeld aan de hand van de criteria in bijlage I voordat een nieuwe pictogram op het etiket wordt geplaatst.

Er worden drie nieuwe pictogrammen geïntroduceerd voor levering en gebruik:

03

Deze zijn vastgelegd in bijlage V van de verordening. De EU pictogrammen uit de Stoffenrichtlijn kunnen niet direct worden omgezet in de GHS pictogrammen. Dit laatste wordt pas duidelijk na indeling van de stoffen en mengsels met de EU-GHS systematiek.

Gevaarpictogrammen

Hieronder vindt u een overzicht van de nieuwe gevaarpictogrammen EU-GHS